Barmhartigheid

HART VOOR NODEN VAN ANDER

Twee franciscanen en een claris over de barmhartige levenswijze.

LogoJaarBarmhartigheid

Logo van het Heilig jaar van de Barmhartigheid

Tekst en beeld: Mari van Rossem (Brabants Dagblad)

In hun eigen geloofsgemeenschappen hoorden ze verrukt over het door paus Franciscus uitgeroepen ‘Jaar van Barmhartigheid’. Daarmee willen de Megense franciscanen en clarissen ‘de boer op’. Met name richting jongeren, die amper weten wat het woord betekent. „Hart hebben voor de ander in zijn of haar noden, kunnen vergeven of verzoening bewerkstelligen: deze waarden staan in de westerse wereld onder druk. Daar moeten we aan blijven werken”, stelt zuster Angela (60).

Op het hoogfeest van Maria Onbevlekte Ontvangenis van 2015 opende de paus officieel het jubeljaar, nadat hij een paar dagen eerder in de Centraal Afrikaanse Republiek een onofficiële opening verrichtte. „Dus niet in de pracht en praal van Vaticaanstad, maar in een arm land, verscheurd door oorlog. Dat tekent deze paus. Een mooi gebaar richting de armen van deze wereld; juist degenen die barmhartigheid het meest nodig hebben”, aldus Angela.

„Paus Johannes de 23ste sprak in zijn tijd al over een kerk die geneesmiddelen van barmhartigheid gebruikt in plaats van wapens van de strengheid.”


‘God is louter barmhartigheid, nu wij met z’n allen nog’

EmileHij start elke dag met een schietgebedje om toch maar niet ‘te oordelen’. Broeder Emile (34) wil zich op die manier openstellen voor de ander, ‘om vriendelijk, mild en zonder oordeel’ te zijn: „Dat vind ik elke dag weer moeilijk. Ik kan als gelovig mens een heel eind komen maar God heb ik nodig om mijn leven te dragen, te voltooien. Néé, dat is geen zwakte en het is – heel grof gesteld – absoluut niet achterlijk.”

Broeder Emile ondervond de voorbije jaren aan den lijve wat barmhartigheid betekent. Hij trad al op zijn negentiende in bij de franciscanen, ontdekte echter dat hij moeite had om zijn idealen ‘te laten landen in de realiteit van alledag’, voelde zich heel eenzaam en besloot uit te treden. Terug in Budel   werd hij verliefd op een vrouw en trouwde. Door droeve omstandigheden hield het huwelijk geen  stand en scheidde het stel. „Zo jong als ik was, had ik al in een kloostergemeenschap geleefd en een  huwelijk achter de rug. Wat zou de Heer nú nog voor me in petto hebben? Na een reis naar Assisi voelde ik dat ik naar Franciscus terugverlangde. Net als in het evangelie van de  verloren zoon ben ik terug bij de Vader. En bij de broeders die me barmhartig opwachtten. God is dus louter barmhartigheid, nu wij nog.”


‘Barmhartigheid zie ik als de moederschoot, als leefruimte’Emmanuel

Ze schreef eerder al voor medezusters en andere gelovigen die ‘vigilie-vieringen’ bijwoonden twee overwegingen over het thema barmhartigheid. Het synoniem ‘moederschoot’ vindt ze het meest passend: „Die is bij uitstek de plek voor barmhartigheid, de plek waar je als kind alles geschonken krijgt. Binnen die ruimte begint en gebeurt barmhartigheid. Anders gesteld: barmhartigheid is de ruimte van leven die je krijgt van anderen”, stelt zuster Emmanuël (34). Zij woont en werkt bijna veertien jaar in het klooster Sint-Josephsberg in Megen.

„Het woord barmhartigheid komt meermalen in de teksten van Clara voor. Ze spreekt zich uit over hoe zusters met elkaar dienen om te gaan: dat ze elkaar moeten dienen, zoals ze zelf gediend zouden willen worden als ze in eenzelfde situatie zouden belanden. Als ik naar mezelf kijk – hoe ik barmhartigheid van m’n medezusters in Megen ontvang – dan werkt die als ruimte die me gegeven wordt. En in die niet-letterlijke ruimte kan ik mijn noden kenbaar maken, maar kan dat ook via de omgekeerde weg. Die wederkerigheid van barmhartigheid spreekt me enorm aan. Die geldt natuurlijk niet alleen binnen onze kloostermuren, maar ook daarbuiten.”


‘Franciscus’ barmhartigheid gaat over alle grenzen heen’

Rangel

Het is twintig jaar geleden dat hij de harde wereld der assurantiën op z’n geboorte-eiland Aruba verruilde voor het gebed en de bezinning binnen de franciscaanse kloostermuren.
Dat broeder Rangel (42) daarvoor afscheid moest nemen van mogelijk vaderschap deed hem pijn. Zijn moeder steunde hem volop: „Zij toonde haar barmhartigheid in alle volheid, ook al wist ze natuurlijk wel dat ze door m’n keuze voor de kerk nooit kleinkinderen van mij zou zien.”

Broeder Rangel raakte begeesterd door de radicaliteit in Franciscus’ manier van leven en zijn keuze voor de minder bedeelde medemens. „Ik wilde me omvormen naar zijn voorbeeld. Daarbij is barmhartigheid een belangrijk iets. Als je je niet ten diepste laat raken door het leed van de ander, kun je dat ook niet dragen. Barmhartigheid bij Franciscus gaat over alle grenzen heen. Daaraan geven we hier ook volop aandacht wanneer schoolklassen ons klooster bezoeken of jongeren voor bezinning komen.” Zelf probeert Rangel in zijn dagelijkse werk in de thuiszorg van Ravenstein en Herpen barmhartigheid vorm te geven: „Het is meer dan medelijden, maar veel meer opstaan
van nieuw leven.